Fytosanitaire info en tips voor de bladpotplantenteler

Algemene bedrijfshygiëne

Gevoeligheid van uw bedrijf voor q-organismen

Veel telers zien de problemen pas wanneer het probleem zich laat zien

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Iedere teler zou zijn eigen bedrijf eigenlijk moeten doorlichten op gevoeligheid voor q-organismen. Maak maar eens een soort van risico-inventarisatie met betrekking tot q-organismen. Hoe kan zo'n organismen op je bedrijf terecht komen en hoe kun je zorgen dat het zo min mogelijk schade aanricht. Bekijk daarbij ook de inrichting van je bedrijf en het onderhoud.

Breng alle stromen in kaart die q-organismen binnen kunnen brengen

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Mark v.d. Knaap van Anthura: Het genetische materiaal dat binnenkomt gaat bij ons altijd via de quarantainekas. Maar ook alle andere stromen die het bedrijf binnenkomen proberen we te analyseren op risico. Veilingkarren bijvoorbeeld vind ik een hele gevaarlijke. Alle Denen die van derden binnenkomen worden chemisch ontsmet. Ook bezoekers analyseren we op risico.

Het is belangrijk dat Nederlandse telers voldoen aan de gezondheidseisen

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Arie Keijzer van Fides: Ik denk dat Nederlandse telers moeten voldoen aan de strenge gezondheidseisen. In de eerste plaats is het voor telers zelf belangrijk, anders kunnen ze in de problemen komen bij de verkoop van hun producten. In de tweede plaats kan een slecht product imagoschade brengen aan de Nederlandse tuinbouw. Als een land bijvoorbeeld de grenzen sluit voor Nederlandse producten werkt dit nog zeer lang na.

Logistiek om problemen te voorkomen

Wij gebruiken 1 compartiment voor restjes plantmateriaal

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Wij gebruiken slechts 1 compartiment voor restjes met plantmateriaal. We zetten geen restjes neer bij jonge planten. Stel dat er bijvoorbeeld een trips op dit plantmateriaal zit, dan komt het niet gelijk bij de jonge planten terecht.

Kijk goed naar je logistieke systeem om problemen te voorkomen

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Een oplossing om ervoor te zorgen dat je kas zo schoon mogelijk blijft is om te kijken naar hoe het product door je bedrijf heen wordt getransporteerd, hoe is je logistieke systeem. Bijvoorbeeld: Halfwas en eindproduct heeft de meeste trips, dat virussen kan overbrengen, en dat wil je niet in je stek, dus zet stek en eindproduct strikt van elkaar gescheiden.

Planten niet verplaatsen om besmetting te beperken

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Bij ons rouleren de planten zo min mogelijk door de tuin. Ze blijven zo veel mogelijk op één locatie staan. Dit om toch zo veel mogelijk de besmettingshaarden binnen de perken te houden. Je zet dan ook geen nieuw materiaal bij oud materiaal.

Vaste werkwijze hygiënische handelingen

Let wel op dat ontsmettingsmatten nat worden gehouden

Let op dat de ontsmettingsmat steeds nat wordt gehouden met een ontsmettingsmiddel. Kies daarvoor een toegelaten ontsmettingsmiddel. Een middel dat lang werkt, heeft een pre. Controleer ook regelmatig of het middel in de mat nog wel effectief is.

Goed ontsmetten van teelt- en watergeefsysteem

Bekijk de linkBekijk de link

Goed reinigen van een teeltsysteem betekent dat al het organische materiaal verwijderd moet worden. Ontsmetting werkt meestal door oxidatie en hoe meer organisch materiaal aanwezig is des te meer ontsmettingsmiddel nodig is voor volledige ontsmetting. Naast het volledig ontsmetten van de tafels moeten ook de voedingsunits en het leidingennet ontsmet worden. Ga voor het complete teeltsysteem na waar de risico's liggen en stel een strategie op die al deze risico's tot een aanvaardbaar niveau terugbrengt.

Vaste werkwijze voor de hygiëne op het bedrijf

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Wij hebben een vaste werkwijze voor de hygiëne. We hebben een aparte afdeling voor de oppot van planten en alle karren van de veiling moeten eerst ontsmet zijn voordat ze op het bedrijf terecht komen. Bezoekers moeten schoentjes aan en er ligt een ontsmettingsmat bij de deur. We kopen planten aan met Elite S-certificaat en potgrond met RHP-certificaat.

Teeltsystemen zoals eb- en vloed geven meer risico op bacterien

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Bij een eb- en vloedsysteem is ontsmetting vaak lastig en kunnen bacteriën zich sneller in een systeem verspreiden. Bij problemen zou je bijvoorbeeld componenten in kunnen richten, zodat niet gelijk je hele bedrijf wordt besmet.

Extra kosten voor schoner werken wegen op tegen kosten van ziekten

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Extra kosten van het uitvoeren van handelingen wegen op tegen het krijgen van ziekten in je gewas.

Wij stellen protocollen op en geven uitleg aan nieuwe medewerkers

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Manuela van Leeuwen van Fides: Wij stellen protocollen op in verband met de bedrijfshygiene. Deze worden uitgedeeld aan nieuw personeel. In het begin krijgen mensen een uitgebreide uitleg over de manier van werken. We blijven er ook alert op dat we elkaar aanspreken, mocht iemand zich niet aan de protocollen houden.

Bij alle gewashandelingen wordt het gewas nagekeken op problemen

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Iedereen die hier op het bedrijf werkt loop veelvuldig door de paden heen. Tijdens de gewashandelingen kunnen ziekten en plagen ook snel worden gevonden. Tijdens het scouten worden de zieke planten gelijk verwijderd van het bedrijf. De plaatsen in de kas waar de zieke planten zijn gevonden worden gemarkeerd, zodat we later kunnen terugkijken of er nog meer maatregelen nodig zijn.

Ontsmetten van hele teelt- en watergeefsysteem

Ontsmetting van teeltsystemen bij potplanten

Bekijk de linkBekijk de link

Bij het Productschap Tuinbouw is de handleiding beschikbaar 'Ontsmetting van teeltsystemen bij potplanten'. Hierin staan veel concrete tips voor handelingen. Naast het volledig ontsmetten van de tafels moeten ook de voedingsunits en het leidingennet ontsmet worden.

Al het retourwater ontsmetten

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Mark v.d. Knaap van Anthura: Al het retourwater dat we hergebruiken wordt ontsmet. Daarmee nemen we nooit een risico.

Personeel motiveren

Cursussen Bedrijfshygiëne in siergewassen

Bekijk de linkBekijk de link

Naktuinbouw verzorgt een aantal cursussen die speciaal gericht zijn op het voorkomen van fytosanitaire problemen. Er is een eendaagse workshop 'Bedrijfshygiëne in siergewassen', voor uitvoerend personeel, speciaal gericht op 'bewustwording'. Daarnaast is er ook een driedaagse opleiding, specifiek ontwikkeld voor medewerkers die uitvoerend personeel aansturen, instrueren en controleren. Deze opleiding wordt op aanvraag ook Engelstalig aangeboden. Voor meer informatie: www.naktuinbouw.nl/service/opleidingen

Hoe vaak scouten jullie?

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Wij scouten iedere week. We hebben daar drie mensen voor in dienst, zodat bij ziekte het scouten kan worden opgevangen door andere mensen. Ook al is het druk, ik sta erop dat er iedere week gescout wordt.

Zorg dat je gemotiveerde en opgeleide mensen hebt

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Je moet niet in problemen denken maar in oplossingen denken. Je moet zorgen dat je gemotiveerde mensen in dienst hebt en de mensen betrekken bij hetgeen waar je mee bezig bent. Geef de mensen een stuk verantwoording.

Bedrijfshygiëne zit geborgd in de bedrijfscultuur

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Mark v.d. Knaap van Anthura: Bedrijfshygiëne is een kwestie van discipline. Uiteindelijk zit dat geborgd in een stukje bedrijfscultuur. Als je als leidinggevende het goede voorbeeld geeft dan zal het personeel volgen.

Besmetting door bezoek voorkomen

Niet in werkkleding naar collega's toe

Bekijk de linkBekijk de link

In werkkleding naar de buurman gaan levert juist gevaar op voor overbrenging van ziekteverwekkers en schadelijke insecten, zegt Alex van der Heiden, gewasmanager potplanten bij LTO Groeiservice. Ga serieus om met de bedreiging van een quarantaineziekte en ga in vrijetijdskleding naar excursies of bijeenkomsten waar collega-telers komen.

Het meest mis met de hygiëne gaat het bij de deur

Bekijk de linkBekijk de link

Het meest mis met de hygiëne gaat het bij de deur, door de reparateur of de bezoeker die een schone kas binnen komt. En als medewerkers allemaal in schone pakken rondlopen maar de verwarmingsreparateur komt in zijn eigen kleding binnen, kun je het ook wel vergeten.

Zorg ervoor dat monteurs de bedrijfsregels naleven

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Zorg ervoor dat monteurs de regels die zijn gesteld op het bedrijf naleven. Ga desnoods in gesprek met ze hierover en leg ze de (hygiëne)regels uit.

Bij bouw van een nieuwe kas rekening houden met hygiëne

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Mark v.d. Knaap van Anthura: we hebben een nieuwe locatie kunnen bouwen. We hebben daarbij een harde scheiding gemaakt tussen kas en de overige voorzieningen. Zo is rond het hele pand een corridor gelegd waar alle voorzieningen zijn geplaatst. Monteurs hoeven hierdoor niet meer in de kas te komen.

De deur staat niet open voor bezoekers

Bekijk de videoBekijk de video

In de tomatenteelt zijn bedrijven strikter met hygiëne dan veel potplantentelers. Interview met tomatenteler Nic van Roosmalen: De deur staat niet open, ieder moet zich melden. Dan overschoentjes, overall, haarnet. De gast loopt over de ontsmettingsmat, kan zijn handen dopen. Hij wordt geacht zijn mobiele telefofon niet te gebruiken, zijn kleding niet meer aan te raken en het contact met de planten te vermijden.

Aantasting gevonden

Zieke planten snel en ingepakt verwijderen

Als u aangetaste planten vindt is het advies:

  • Verwijder aangetast materiaal zorgvuldig uit de kas. Dergelijke planten vormen een besmettingsbron.
  • Stop aangetast materiaal bij voorkeur ter plekke in een plastic zak en voer het snel af van het bedrijf.
  • Gebruik in de kas afsluitbare afvalcontainers, deze moeten aan het eind van de dag geleegd worden.
  • Plaats buiten een grote afvalcontainer. Gebruik ook hier bij voorkeur een afsluitbare container.

(Bron: Strateeg geïntegreerde gewasbescherming, LTO Groeiservice)

Werk van gezond gewas naar verdacht gewas toe

Tijdens werkzaamheden in het gewas worden makkelijk aantasters verspreid, zoals spintmijten en virus. Houd daar rekening mee als u een verdachte partij in de kas heeft. Verricht werkzaamheden indien mogelijk eerst in een gezond gewas en daarna pas in gewassen met een mogelijke aantasting. (Bron: Strateeg geïntegreerde gewasbescherming, LTO Groeiservice)

Meldplicht na vinden van aangetaste planten

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Jeroen Kavelaars van de NVWA: Ieder die een vermoedelijk schadelijk organisme aantreft moet dit melden aan de NVWA. De andere kant is dat als je een onbekend organisme in je teelt hebt, je ook niet weet hoe dat te bestrijden is. Teelt en handel kunnen hieronder lijden. Onze deskundigen kunnen exact bepalen om welk organisme het gaat en gericht advies geven over welk middel gebruikt kan worden om het te bestrijden. We overleggen daarover met de teler.

Naar boven

Bedrijfshygiëne en uitgangsmateriaal

Informatie vergaren

Telers moeten hygiëne omhoog brengen en overheid moet belangen verdedigen

De kans op quarantaine ziekten en plagen neemt toe met de toenemende wereldhandel en een warmer wordend klimaat. Verdiep u hierin en weet welke risico's u loopt. Dat zeggen Harmen Hummelen en Jeannette Vriend van LTO Groeiservice. "Blijf collega's aanspreken op hygiënemaatregelen en weet welke ziekten u met import binnen kunt halen. Op de site van de NVWA staat een hele lijst." Telers moeten hun hygiëne nog verder omhoog brengen. Van de overheid mag worden verwacht dat zij de belangen van deze belangrijke exporttak in het buitenland stevig verdedigt.

Informatie op plantgezondheid.nl

Bekijk de linkBekijk de link

Nieuws over plantgezondheid en fytosanitair is ook te vinden op www.plantgezondheid.nl van Groen kennisnet. Met een beeldenbank met foto's van plaagorganismen en veel lesmateriaal.

EPPO belangrijke informatiebron over q-organismen

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Manuela van Leeuwen van Fides: Heel belangrijke informatiebronnen over fytosanitaire zaken zijn studieclubs, vakbladen, LTO Groeiservice. Op internet is de EPPO-lijst (www.eppo.org) heel belangrijk, daar staan alle quarantaine-organismen op en kun je lezen waar ze voorkomen, met foto's van aantastingen. En Naktuinbouw en de NVWA (PD) zijn natuurlijk ook hele belangrijke informatiebronnen.

Wij kijken veel op de website van de nVWA

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Wij kijken veel op de website van de NVWA. Daarop staat op fytosanitair gebied veel informatie.

Uitgangsmateriaal

Naktuinbouw Elite certificaat voor hogere kwaliteit

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Marco van Dalen van Naktuinbouw: Naktuinbouw Elite is een systeem waarbij bedrijven die een hogere kwaliteit borgen dan de standaardkwaliteit het materiaal van een certificaat kunnen voorzien. Bij de toetsing zitten ook fytosanitaire toetsen, op virussen, bacteriën, schimmels. Voor een teler is het voordeel dat hij zich daarmee kan onderscheiden in de markt.

Houdt rekening met de seizoenen in het land van herkomst

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Wij houden rekening met het seizoen in het land van herkomst. Dat komt het uitgangsmateriaal ten goede en voorkomt dat de planten last krijgen van virusziekten of schimmels.

Tracking & Tracing nodig vanwege certificering

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Meerdere telers werken al met Tracking & Tracing. Dit is zo onderhand ook wel verplicht omdat je anders niet meer gecertificeerd kan worden.

Neemt u nu andere maatregelen dan voordat u een besmetting had?

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Solanumteler Joep Dings: Ja, het uitgangsmateriaal is allesomvattend. Een besmetting met PSTVd is absoluut onvoorzienbaar, dus zorg ervoor dat je een plantenpaspoort hebt en dat je planten schoon zijn. Bij een besmetting kan de schade enorm zijn.

Strikt hygiëneprotocol nodig bij zelf steken van stek

Bekijk de linkBekijk de link

Steekt u zelf stek, dan is een strikt hygiëneprotocol noodzakelijk om ziekte te beperken. Adriaan Keijser, teeltmanager van het bewortelingsbedrijf voor begonia Koppe: "Ons hygiëneprotocol helpt ons enorm om ziektevrij uitgangsmateriaal te kunnen leveren. De maatregelen zijn bijvoorbeeld mesjes ontsmetten na elke moederplant en na iedere tafel een nieuw mesje gebruiken en de handen ontsmetten. Elke partij stek is voorzien van een label met de code van de snijdster en het tafelnummer. Mocht er later tijdens het productieproces toch iets fout gaan, dan kunnen ze door deze track&trace methode de herkomst achterhalen. In de kas komen uitsluitend onze teeltmensen. Hierdoor verkleinen we de kans op verspreiding door menselijk contact."

Stek uit weefselkweek is schoner maar duurder

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Wanneer het stek van je moerplanten besmet raakt met een bepaald virus, dan is uitgangsmateriaal vanuit weefselkweek de schoonste oplossing.

Weet welke ziekten voorkomen in het land van herkomst

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Wij kennen de ziekten waar onze producten vatbaar voor zijn en kunnen ze wel herkennen. Met deze informatie gaan wij met onze leveranciers overleggen en samen bepalen welke maatregelen moeten worden genomen.

Bij opkweek van stek bij plantenkweker loop je minder risico op ziekten

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Het voordeel van het opkweken van stek op je eigen bedrijf is een stukje kostenreductie. Het voordeel van het opkweken van stek bij een tussenpersoon is dat een teler op deze manier minder risico loopt op het krijgen van ziekten in het gewas.

Een betrouwbare leverancier kun je herkennen aan een aantal punten

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Arie Keijzer van Fides: Er zijn een aantal mogelijkheden om als teler een betrouwbare leverancier te herkennen. Als een leverancier meedoet met een extern kwaliteitssysteem. Tevens moet je kritisch vragen aan de leverancier hoe de bedrijfsvoering in elkaar steekt. Tot slot moet de leverancier bereid zijn om dieper technisch advies te geven.

Opkweek in het buitenland

Bespreek fytosanitaire zaken regelmatig met uw stekleverancier

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Ieder jaar in een evaluatie overleg ik fytosanitaire zaken met mijn leverancier. Daarna worden nieuwe afspraken gemaakt. Je houdt elkaar scherp.

Communicatie met en controle van je toeleverancier kan risico's voorkomen

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Het risico op plantenziekten bij importeurs van uitgangsmateriaal kun je beperken door goed te communiceren met de importeur. Tevens moet je controleren wat er gezegd wordt door de importeur. Door te controleren en te communiceren beperk je de risico's.

Bezoek je leverancier regelmatig

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Wij gaan zelf op bezoek naar onze leverancier. Daar kunnen wij zelf ons uitgangsmateriaal controleren en bepalen met wie we zaken gaan doen. Mochten wij planten aangeleverd krijgen waar iets aan mankeert, dan nemen wij ook direct contact op de de leverancier.

Elke plant een tag of barcode die terug leidt naar de kweker

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Bij de Pachira's maken wij gebruik van tags in de vorm van barcodes. Zo kunnen wij herleiden waar de planten vandaan komen en ook onze buitenlandse leverancier kan de planten terugleiden naar de kweker. Met behulp hiervan kunnen wij voor de toekomst voorzorgsmaatregelen nemen en ervoor zorgen dat de kweker in het land van herkomst ook teeltmaatregelen neemt.

Stek en importmateriaal scheiden

Importmateriaal in een aparte afdeling plaatsen en controleren

Bij uitgangsmateriaal uit het buitenland is het advies:

  • Plaats importmateriaal bij voorkeur in een aparte afdeling.
  • Volg en controleer de planten gedurende één maand intensief.
  • Hang ter ondersteuning gele en/of blauwe signaalplaten op en controleer deze iedere week.
  • Beperk het aantal personen dat toegang heeft tot deze afdeling.
  • Draag in deze afdeling bij voorkeur aparte overjassen en laarzen of overschoenen.

(Bron: Strateeg geïntegreerde gewasbescherming, LTO Groeiservice)

Geleverd stekmateriaal een tijdje goed gescheiden houden

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Wij houden het geleverde stekmateriaal na aflevering apart en zorgen dat er geen contact is met andere partijen.

Hoe rouleert u de planten door het bedrijf?

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Op ons bedrijf hebben we een harde scheiding tussen opkweek en afkweek. De jonge planten worden opgepoot in een aparte stekafdeling. Nadat de jonge planten naar een andere afdeling gaan wordt de vloer gelijk ontsmet. De nieuwe afdeling staat niet in contact met de stekafdeling.

Plantenpaspoort

Plantenpaspoortplichtige producten

Bekijk de linkBekijk de link

Het plantenpaspoort is verplicht voor bepaalde planten. NVWA houdt een register bij van planten waarvoor een plantenpaspoort verplicht is. Het plantenpaspoort is geen vast document, maar een set verplichte informatie die bij de planten aanwezig moet zijn, zowel bij vervoer binnen Nederland als bij het vervoer naar andere EU-lidstaten. Zo kunnen de planten bij problemen terug getraceerd worden naar de oorspronkelijke producent.

Koop stekmateriaal aan met een plantenpaspoort

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Solanumteler Joep Dings: Wij kopen alleen maar plantmateriaal met een plantenpaspoort. Ga regelmatig op bezoek bij je stekbedrijf en zorg dat je dat bedrijf goed kent.

Uit plantenpaspoort herleiden waar plant geteeld is

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Marco van Dalen van Naktuinbouw: Een plantenpaspoort is een set van informatie die met de (partij) planten meekomt. Daaruit is te herleiden waar de plant oorspronkelijk geteeld is. Problemen in de keten ontstaan vaak op het veld waar geproduceerd is en het onderzoek naar het schadelijk organisme kan daar dan starten.

Naar boven

Thrips

Trips herkennen en signaleren

Vangplaten tegen tabakswittevlieg en trips palmi

Bekijk de linkBekijk de link

Voor signaleren en monitoren van trips werken blauwe vangplaten het beste. Gele vangplaten werken beter bij o.a. tabakswittevlieg.

Effectief scouten in potplanten tegen trips en wittevlieg

Bekijk de linkBekijk de link

De meeste potplantentelers scouten 1 keer per week, blijkt uit een enquete in 2009. Peet van Noort, verantwoordelijk voor gewasbescherming bij KP Holland: Wij scouten 1 keer per week. Ik loop de vanglampen en vangplaten na. Verder staan mijn scoutantennes altijd uit, dus als ik langs loop voor het water geven of voor het remmen zie ik ook heel veel. Ik let op luizen, rupsen, trips en griep. Bij wittevlieg is het goed om aan de planten te schudden, om opvliegende volwassenen waar te nemen. Als u plakkerig blad ziet, onderzoek dan de onderkant van bladeren op eieren, larven en poppen. Stel bij poppen vast of ze geparasiteerd (verkleurd) zijn.

Bekijk regelmatig de vangplaten

Door vangplaten op te hangen en deze te bekijken krijgt u een goed beeld van de insecten in uw gewas. Kijk regelmatig en u ziet hoe snel de insectenpopulatie zich ontwikkeld en kunt beter inschatten wanneer een gerichte bestrijding moet worden uitgevoerd. Kunt u de insecten zelf niet op soort herkennen, volg dan een training, bijvoorbeeld bij Koppert of besteed de 'Signaleringsplaten screening' uit, bijvoorbeeld aan Relab den Haan. Zij maken een overzicht van de op de signaleringsplaten waargenomen insecten, zoals thrips, luizen, witte vlieg of mineervliegen. Die gegevens helpen u om minder preventieve bespuitingen uit te voeren.

Trips bestrijden

Spint, trips en wittevlieg goed geïntegreerd te bestrijden

Bekijk de linkBekijk de link

Biologische bestrijding is belangrijk, ook om resistentie bij plaagorganismen tegen te gaan. Spint, trips en wittevlieg blijken in veel gevallen goed te beheersen met biologische bestrijding. Dat blijkt uit een praktijkproef met 6 telers met geïntegreerde bestrijding in groene en bonte potplanten. Door de verschillen in teelten, teeltsystemen en teeltduur is er geen standaard aanpak te geven. Er werd onder andere een combinatie gebruikt van het rondblazen van swirskii, roofmijten en bodemroofmijten tegen tripspoppen in de grond. Telers noemen ook discipline in hygiëne, uitzetten en scouten effectief om zo min mogelijk chemisch te hoeven ingrijpen.

Bodemschimmel heeft bestrijdend effect op trips

Bekijk de linkBekijk de link

Trips kunnen vroegtijdig bestreden worden met biologische bestrijders. Zo heeft de bodemschimmel Metarhizium anisopliae een bestrijdend effect op trips. De bodemschimmel eet poppen van de trips. In een proef bij vermiculiet kon de schimmel het aantal larven en volwassen tripsen met 80% reduceren. Bij potgrond was dit 58%. Ook de schimmel Beauvaria bassiana (Botanigard) bestrijdt tripspoppen.

Aaltjes en roofmijten samen tegen trips

Bekijk de linkBekijk de link

Crotonteler Jos van den Berg van Sunshine Grow constateert dat een combinatie van Steinernema-aaltjes en roofmijten tegen trips beter werkt dan alleen aaltjes.

Levencysclus Trips

Bekijk de linkBekijk de link

De volwassen tripsen bevinden zich in bloemen en op bladeren en zetten daar hun eieren af. De larven voeden zich met alle bovengrondse delen van de plant en zijn zeer beweeglijk. De verpopping vindt voornamelijk plaats op de grond.

Problemen met trips in de teelt

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Wij kennen zelf geen Thrips palmi in de teelt, maar de Californische trips bestrijden we biologisch door over te doseren met biologische bestrijders. Desondanks blijft trips een moeilijk verhaal, want als het uit de hand loopt moet je toch chemisch bij gaan springen met plaatselijke correcties.

Wij nemen diverse maatregelen tegen Thrips palmi

Bekijk de videoBekijk de video

In Nederland komt Thrips palmi niet voor. Hoe voorkomen telers op buitenlandse locaties besmetting met T. palmi? Manuela van Leeuwen van Fides: Wij nemen diverse maatregelen tegen Thrips palmi. Zo hebben we insectengaas in de ramen. We hebben een preventief bestrijdingsschema om te zorgen dat tripssoorten niet in de kas kunnen komen. Daarnaast wordt er intensief gescout. We hangen veel vangplaten op. Voor de scouts is het belangrijk dat ze de verschillende tripssoorten kunnen herkennen, omdat de schadebeelden verschillend kunnen zijn.

Thrips palmi onderscheiden van andere trips

Bekijk de linkBekijk de link

Thrips palmi is met het blote oog niet van andere tripssoorten te onderscheiden, de trips is maar 1,2 mm groot. Onderscheiden kan alleen in het laboratorium. T. palmi wordt vooral aangetroffen in groeipunten en bloemknoppen en op jonge bladeren. Bij de gewasschade is specifiek voor T. palmi het voorkomen van zuigvlekjes op de hoofd- en zijnerven.

Geintegreerde bestrijding per bedrijf en gewas bekijken

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met John v.d. Knaap van LTO Groeiservice: Geintegreerde bestrijding voor potplantentelers is voor alle telers haalbaar in meer of mindere mate. Je moet op je eigen bedrijf, in je eigen gewas kennis opbouwen, met een onafhankelijke adviseur of in een studiegroep. De reactie van een biologische bestrijder verschilt per gewas en per bedrijf - in de potplanten is geen standaard aanpak mogelijk. De volgorde is eerst leren scouten, registratiesysteem opzetten, en een economische schadedrempel bepalen voor elk gewas.

Registreer wat je doet bij geintegreerde bestrijding

Bekijk de videoBekijk de video

LTO Groeiservice heeft een registratiesysteem in Excell ontwikkeld waarmee telers de ontwikkeling van de plaag, de inzet van de biologie en de correcties die gedaan zijn kunnen vastleggen gedurende het jaar. Daar kan een teler relaties uit halen waarmee de aanpak kan worden verbeterd. John v.d. Knaap legt uit hoe het registratiesysteem werkt.

Groot aantal waardplanten voor virussen INSV en TSWV

Bekijk de linkBekijk de link

De tospovirussen INSV en TSWV zijn afgelopen jaren in veel verschillende gewassen aangetroffen. Het zijn quarantaine-organismen, dus u bent verplicht ze te voorkomen. Ze worden overgedragen door trips. De virussen veroorzaken een brede reeks symptomen zoals chlorotische en necrotische plekken op bladeren en bloemen, kringen, necrose op de stam en top en groeiachterstand en misvorming. In Nederland zijn de belangrijkste tospovirussen het tomatenbronsvlekken-virus (TSWV) dat o.a. begonia, petunia en violen kan aantasten. En het impatiensvlekkenvirus (INSV) bij o.a. ficus, anthurium, ardisia, spatiphyllum.

Biologische bestrijding niet bij organismen met nultolerantie

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Jeroen Kavelaars van de NVWA: Als je exporteert naar een land dat een nultolerantie heeft voor een bepaald organisme is dit niet goed te combineren met biologische bestrijding. Bij biologische bestrijding ontstaat een evenwicht waarbij nog wel enige schadelijke organismen aanwezig zijn.

Naar boven

Rupsen: Opogona en Duponchelia

Opogona herkennen

Wat is de Opogona sacchari?

Bekijk de linkBekijk de link

Opogona sacchari, de bananenboorder, is een (sub)tropische mot die met geïmporteerd plantenmateriaal Nederland binnenkomt. De mot legt eieren in planten met verdikte stengels, met knollen en wortelstokken.

Opogona maakt gaatjes in de plant met zaagselvorming aan de voet

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: De Opogona sacchari is te herkennen aan kleine gaatjes die in de stam / knol is geboord. Aan de voet van de plant vind je dan zaagselvorming. De Opogona pakt de zwakkere planten. Bij binnenkomst van de planten kun je hier op letten.

Maatregelen tegen Opogona

Wat kan een teler doen om import van Opogona sacchari te voorkomen?

Bekijk de linkBekijk de link

  • Wees zeer kritisch op plantenmateriaal dat geïmporteerd wordt.
  • Een besmetting met Opogona is in een vroeg stadium vaak niet te zien, maar eieren worden vooral afgezet in zwak en beschadigd plantenmateriaal. Dwing garanties af voor kwalitatief goed materiaal. Accepteer zwak plantmateriaal niet
  • Maak ketenbreed afspraken met importeurs over de gewenste kwaliteit
  • Strikte bedrijfshygiëne: verwijder regelmatig bladmateriaal en zieke en verzwakte planten en vernietig ze. Zo krijgen adulten minder kans om eieren af te zetten en larven minder kans om zich volledig te ontwikkelen

Uit welke gebieden is import riskant vanwege Opogona?

Bekijk de linkBekijk de link

Vraag garanties bij de import van waardplanten van Opogona sacchari uit gebieden waar dit insect inheems is, of waarvan bekend is dat het zich daar heeft gevestigd. De mot komt van oorsprong uit de vochtige tropen en subtropen in Afrika. In Nederland kan O. sacchari zich alleen in kassen vestigen. Momenteel wordt de soort gevonden op verschillende Afrikaanse eilanden, in West-Afrika (Nigeria), op de Canarische eilanden en Madeira, in Midden- en Zuid-Amerika en in Europa en Florida. In verschillende Europese landen is dit insect aangetroffen. Sinds 1970 heeft de bananenboorder zich permanent gevestigd in kassen in Zuid-Italie.

Wat is het risico van gewasresten als bron van infectie?

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Anthuriumteler Piet Stolk: Infectie kan op allerlei manieren gebeuren. Dood materiaal, zoals dode blaadjes en verrotte bloemen, trekt schadelijke insecten aan. Je moet er dus voor zorgen dat het dode materiaal wordt verwijderd uit de kas. Het opruimen kost tijd, maar het levert ook veel op.

Opogona kun je bestrijden met behulp van nematoden

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Ted Prinsen van kwekerij De Palmentuin: Tijdens het begin van de teelt, wanneer het gewas nog zwakker is, gieten wij nematoden mee. Deze nematoden eten de Opogona-larve van binnenuit op. In latere stadia van de teelt wordt de plant direct van het bedrijf verwijderd. Je wil voorkomen dat de larve een mot gaat worden. Opogona-motten kunnen tot 800 eitjes per keer leggen.

Duponchelia herkennen

Duponchelia waardplanten

Duponchelia kan in heel veel planten voorkomen. Niet altijd ontstaat er schade, maar bij bijvoorbeeld Anthurium, Begonia, Cyclaam, Cymbidium, Ficus, Hortensia, Impatiens, Jasminum, Kalanchoe, Pelargonium, Petunia, Phalaenopsis, Poinsettia, Viola en Zamioculcas kan forse schade optreden.

Duponchelia herkennen als rups en vlinder

Bekijk de linkBekijk de link

De vlinders/motten zijn licht- tot donkerbruin. Op de vleugels is een witte kronkelende lijn zichtbaar. De rupsen kunnen zich invreten in de stengel en zijn te vinden op vochtige plaatsen, voornamelijk onderin het gewas of in te hart van de plant. Vaak ook op afstervend organisch materiaal op de grond Op de Beeldenbank Gewasbescherming vindt u een aantal foto's van de rups en de vlinder.

Duponchelia op quarantainelijst in enkele landen

Bekijk de linkBekijk de link

Duponchelia fovealis heeft geen Europese quarantainestatus, maar staat wel op de quarantainelijst in onder andere de Verenigde Staten en Canada. De rups komt voor op zeer veel, met name niet-houtige, gewassen in bedekte teelten. Pas bij grotere populatiedichtheden gaat schade aan de gewassen zelf optreden.

Ficus en Zamioculcas zijn Duponchelia waardplanten

Duponchelia kan in heel veel planten voorkomen. Niet altijd ontstaat er schade, maar bij bijvoorbeeld Ficus en Zamioculcas kan forse schade optreden.

Maatregelen tegen Duponchelia

Effectieve maatregelen tegen Duponchelia

Bekijk de linkBekijk de link

Algemene maatregelen om Duponchelia te voorkomen/bestrijden:

  • hygiënisch werken, verwijderen plantafval
  • beter scouten en vroegtijdig signaleren
  • signalering met vanglampen
  • direct en regelmatig bestrijden zodra waargenomen
  • droger telen (in kritieke periode)
  • kiezen voor droger substraat / potgrondmengsel

Voor de bestrijding blijkt uit onderzoek dat het biologische middel Bacillus thuringiensis de beste werking geeft in vergelijking met bespuitingen met insectenparasitaire aaltjes en chemische middelen.

Bekijk het schema voor maatregelen tegen Duponchelia in uw teelt

Bekijk de linkBekijk de link

Er is een strategie voor de beheersing en bestrijding van Duponchelia. Hierin zit kennis van LTO, DLV Facet en PPO uit project 'Geleide bestrijding van Duponchelia fovealis' verwerkt. In onderzoek van Productschap Tuinbouw worden door telers als succesbepalende factoren om aantasting te voorkomen en te beperken in volgorde van belangrijkheid genoemd: bedrijfshygiëne; beter scouten; direct en regelmatig bestrijden zodra waargenomen; gebruik vanglampen en insectengaas; goede spuittechniek.

Aaltje tegen Duponchelia

Bekijk de linkBekijk de link

Om de rupsen van Duponchelia fovealis tegen te gaan, moeten ze in een zo jong mogelijk stadium bestreden worden. Ter bestrijding van de rupsen zijn er ook biologische oplossingen. Het aaltje Steinernema carpocapsae (Capsanem) bestrijdt Duponchelia. Bij Kalanchoë bleek een doding tot 94 procent.

Vanglampen tegen Duponchelia

Bekijk de linkBekijk de link

Met vanglampen kunt u de aanwezigheid van Duponchelia motjes vaststellen of nagaan of u 'schoon' bent. Groene en witte vanglampen werken goed en trekken minder andere motjes aan dan blauwe. Combineer de lampen bij voorkeur met plakplaten i.p.v. spanningsroosters. Hang de vanglamp laag in het gewas. Laat de lamp de hele nacht branden. De indruk bestaat dat langs de gevels meer (actieve) motjes te vinden zijn.

Gaas, vanglampen, controle en roofmijt tegen Duponchelia

Bekijk de videoBekijk de video

Interview met Manuela van Leeuwen van Fides: Duponchelia moet je buiten houden door insectengaas. Daarnaast moet je wekelijks controleren, onder andere door vanglampen en gewascontrole. Preventief wordt de bodemroofmijt Hypoaspis uitgezet in de moederplanten.